Deze website maakt gebruik van cookies. Lees meer in de disclaimer. akkoord

Menu

terug naar dashboardterug naar vorige paginaNieuws

 6/333 

Correct formuleren en taalvernieuwingsverdiepingsnoodzaak

Woensdag 31 oktober was er een les Nederlands voor alle 5V’ers in het auditorium. Via Skype was er een verbinding met Den Haag waar mr. Maarten Feteris, president van de Hoge raad, vanuit zijn kantoor een hoorcollege van 15 minuten gaf over nut en noodzaak van zorgvuldig formuleren.
Na het hoorcollege was er een interview over twee hoofdthema’s: taal en recht en taal en macht.
De les was voorbereid en uitgevoerd door leerlingen Anas el Mourabiti , Iris Bouw, Amir Hassanein en Nadia Gandar in overleg met docent Nederlands, Emile Heussen.

Deze les was bedoeld als voorbereiding op het schoolexamen Nederlands, om de leerlingen te laten zien dat correct formuleren er werkelijk toe doet. Mr. Feteris gaf diverse voorbeelden van juridische taalblunders (onder andere met betrekking tot het wel of niet openen van een spitsstrook op de A1. De taal van de rechters was zo onbegrijpelijk dat ministers, staatssecretarissen, hoge ambtenaren en juristen er niet uitkwamen of de spits open mocht of niet, waardoor hij dus jarenlang dichtbleef, wat veel geld kostte) en taalvernieuwingsverdiepingsnoodzaak bij rechters, omdat ze zich ook moeten verdiepen in social-mediataal van verdachten. We weten nu dat ijzer in sommige gevallen een ander woord is voor pistool.

Deze les past in een serie lessen die de sectie Nederlands organiseert waarbij leerlingen van alle jaarlagen in contact komen met professionele taalgebruikers zoals juristen, schrijvers, copywriters, journalisten.

Behalve dat de les over taal ging, was het stiekem ook een beroeps- of studiekeuzeoriëntatie. De leerlingen hoorden dat mr. Feteris heeft gekozen tussen zijn liefde voor klassieke muziek en zijn maatschappelijke carrière en dat zijn carrièrepad nogal grillig was. Op latere leeftijd, studeerde hij naast zijn werk. Door die studie kon hij bij de Hoge Raad werken en uiteindelijk president van de Hoge Raad worden.